Omtrent vrije grafiek in de beeldende kunst

Houtsnede, etsen en andere technieken in de vrije grafiek

 

Grafiek of de graveerkunst is een kunstdiscipline in de beeldende kunst waarbij men aan de hand van het drukken een bepaalde afbeelding, meestal op papier, gaat weergeven. Deze afbeelding wordt eerst op een ondergrond zoals hout, metaal, linoleum…gemaakt door deze met naalden, gutsen of zuren te behandelen. Een basis die men nodig heeft om het herdrukken mogelijk te maken.

 

Door deze ondergrond te bewerken neemt men delen van het oppervlak weg en ontstaat een bepaalde tekening. Op deze tekening wordt inkt aangebracht die ofwel op ofwel in de groeven zit, en zo kan men de tekening op een drager gaan afdrukken. Door dit drukproces te herhalen ontstaat een oplage van de tekening en deze herhaalbaarheid is het typische bij de grafiek. Dit neemt niet weg dat bij grafiek ook elk exemplaar uniek te onderscheiden kan vallen, of men het niet bij één exemplaar kan houden.

 

Het accent lag op het verrijken en illustreren van boeken daar de afbeelding goed te reproduceren was. Maar ook het werk van kunstenaars ruime bekendheid te geven in daar grafiek in getale makkelijk te transporteren was behoorde tot dit doel.

 

Nieuwe technieken ontstonden, bestaande technieken werden verder uitgediept en de grafiek groeide uit tot een volwaardig medium met een waaier aan artistieke mogelijkheden. 

 

 


De grafiek kan men qua technieken in vijf groepen opdelen. Iedere groep bevat diverse variaties en meerdere technieken kunnen samen gebruikt worden voor een prent door deze ofwel samen in een plaat toe te passen of door de prent met meerdere platen te gaan drukken. Een beknopt overzicht:

 

 

1: Hoogdruk


Van alle grafiek-technieken kent houtsnede de langste geschiedenis. Men heeft reeds weet van houtsnedes uit de 7de eeuw na Christus in China. Met de intrede van het papier in de13de eeuw in Europa ging de techniek  hier ook een belangrijkere rol gaan spelen.

 

Houtsnede of algemeen hoogdruk kan men uitvoeren op diverse materialen. Niet alleen hout en tegenwoordig ook triplex of MDF, maar ook linoleum, rubber, enz. kunnen goed gesneden worden. 

 

Bij een hoogdruk snijdt men alle delen weg die men niet in kleur wenst te hebben. De hoog gelegen delen die overblijven worden van inkt voorzien met een inktrol of tampon en dit wordt dan op het papier afgedrukt. Dit is een eenvoudige weergave met één kleur in combinatie met de kleur van het papier. Maar evenwel kan men de tekening verder uitwerken zodat men meerdere kleuren kan gaan drukken of meerdere platen combineren in eenzelfde afdruk. Men heeft dus een rijke artistieke keuze.

 

 

  

2: Diepdruk


 

Bij diepdruk ligt de inkt nu net dieper dan het oppervlak op de plaat. Hier wordt de plaat met etsnaalden, een burijn of zuren bewerkt. De plaat wordt vervolgens geïnkt en afgeveegd. Hierbij blijft er inkt achter in de groeven. Het natte papier wordt erop geplaatst en onder druk van de pers in de groeven gedrukt zodat de inkt opgenomen wordt. Een etswerk kan men met meerdere technieken opbouwen. 

 


3: Vlakdruk

Bij vlakdruk ligt de tekening gewoon op het oppervlak van de plaat.

 

Van een monotype kan zoals het woord het aangeeft slechts één druk gemaakt worden.

 

 

Lithografie laat wel toe de tekening veelvuldig te herhalen 

en was ideaal om affiches te in meerkleurendruk te maken.

 

Offset is de moderne opvolger van de lithografie voor handelsdrukwerk, kranten enz. Hierdoor won de lithografie aan belang op artistiek vlak.


4: Doordruk

5: Digitale technieken

 

- doordruk: zeefdruk, sjabloondruk, stencil

- digitale technieken

En toen was er diepdruk...

 

 

Voorlopers van de diepdruk vindt men terug in de edelsmeedkunst en de wapensmeedkunst. De eerste graveurs, wanneer we terugkeren tot zowat halfweg de 15de eeuw in Duitsland en Italië, waren meestal opgeleid als edelsmid. Zij konden geheel fijn metalen met een burijn bewerken en zodoende tekeningen precies omzetten op een metalen plaat. Zo konden afbeeldingen makkelijk gedetailleerd gereproduceerd en veelvuldig verspreid worden. Daar dit nog geheel ambachtelijk was zijn hier nauwelijks namen bekend.

 

De eerste diepdruk-prenten zijn gemaakt van platen die met een burijn rechtstreeks in de plaat gegraveerd werden. De groeven zijn hierbij even diep wat zorgt dat de kleur over de gehele plaat even sterk is. 

 

Albrecht Dürer was niet alleen een meester in het schilderen, ook in de grafiek heeft hij prachtig werk geleverd en ging hij op zoek naar vernieuwing. Men zou geen kunstenaar zijn als men de technische mogelijkheden gaat verleggen om zijn kunst te gaan verfijnen.

 

Naast met een burijn wordt even later ook droge naald de plaat bewerkt, een nieuwe lijnvoering is geboren. De grondlegger hiervan was een Duitse graveur bekend onder de naam ‘Meester van Hausbuch’. Met behulp van een harde naald wordt in de plaat gekrast. Door het krassen ontstaat er een braam die ook inkt vasthoudt en zo voor een fluweelachtige lijn kan zorgen. 

 

Nog later worden de platen ook met zuur geëtst. De plaat wordt eerst met een etsgrond afgedekt. In deze etsgrond kan men gaan tekenen met een naald als was het op papier. Zo kunnen er vloeiende en speelse lijnen ontstaan. Waar men met de naald gekrast heeft wordt het metaal terug zichtbaar en daar kan het zuur gaan etsen. Hoe langer het zuur kan inwerken, hoe dieper de groeve wordt en hoe donkerder de lijn zal staan. Door hier donker en licht te gaan combineren kan men meer diepte brengen in de plaat. 

 

 

Al enkele technieken zijn er en uiteraard kan men deze ook met elkaar gaan combineren zoals men bij Jaques Callot kan zien die burijn en ets mooi weet samen te brengen en die tot voorbeeld van andere grote grafiek-kunstenaars zal zijn.

 

Met het ontdekken van nieuwe mogelijkheden splitst de grafiek zich ook meer en meer op in de eerder reproductieve grafiek en de grafiek waar men een kunstzinnige toets aan geeft.

 

Reproductieve grafiek kan men terugvinden in het atelier van Rubens, met de bedoeling een duidelijke weergave te geven van zijn schilderijen.

 

Tot de eerder vrij werkende grafiek-kunstenaars behoren namen als Hercules Seghers en Rembrandt van Rijn. Beide Nederlanders die in de tijd van de Gouden eeuw leefden. Kerk en staat waren als belangrijke opdrachtgevers zo goed als weggevallen weggevallen, wat een nieuwe vrijheid gaf aan de kunst en kunstenaar. 

 

 in verdere opmaak